Muir Pass in mijn uppie.


Nou dit is toch wel het meest extreme wat ik ooit gedaan heb.
Het is zondagochtend 30 juli 8.30 uur en ik vertrek van mijn kampeerplek ergens onderaan de Golden Staircase. Dit is een beruchte klim naar de Matherpass als je de trail loopt van Noord naar Zuid. Voor mij dus een daling want ik ga Zuid-Noord. Matherpass heb ik zaterdag obv Justin gedaan en dat was al spannend genoeg.
Onder zijn zeer geduldige begeleiding heb ik geklommen en gedaald, maar één keer één traan gelaten. Je moet een stap nemen, durft niet, bent bang dat als je wegglijdt je het ravijn indondert, maar je moet… en dat bijna een
uur aan een stuk.

Godverdomme wat een aderlating.
We hebben afscheid genomen over de pass, na hem bedankt te hebben op mijn blauwe knietjes, ik had ernstig behoefte aan een lange pauze alleen aan een prachtig bergmeer (Pallisade Lake)

in een groene oase. Ik heb het angszweet afgewassen, wat kleren gespoeld en me voorbereid op een paar ontspannen wandeldagen. 20Miles na Matherpass (32km) kwam pas de Muirpass.

Ook Justin plande over twee nachten te kamperen aan de voet van deze pass en het was aan mij of ik daar ook kon zijn zondagavond.

Ik zou wel zien, eerst maar es bijkomen van té veel adventure!
Ik heb de middag daarna toch nog wel zoveel mogelijk afstand afgelegd en rond zessen een rustig plekje voor mezelf gevonden. Alleen kamperen vind ik fijn…kan ik alles ongestoord doen. Mijn tandpasta uitspugen bijv en mijn beerton (de Bearvault, grote plastic ton met deksel van 1kg, die je volgens de regels een km van je tent af moet plaatsen) gewoon naast mijn tent laten staan.

Zondagochtend vertrokken met het voornemen Justin te bereiken. Dit doel werd serieuzer naarmate meer tegenliggers mij vertelden hoe vreselijk Muir Pass was, één en al sneeuw, een hel om over te komen. Dit motiveerde mij enorm haha, no way dat ik dat alleen ging doen. Dus ik liep en ik liep, niet gestressed want het ging lekker en ik liep op schema om rond zessen aan de voet van de pass te zijn alwaar Justin ergens zou staan.

Ik was nog maar 2M van de top verwijderd en al behoorlijk aan het klimmen, sneeuwoversteken aan het maken (dat is eng op het eind van de dag want zacht en je weet nooit wat eronder zit) en uit aan het kijken naar een tentje. Drie tentjes was ik gepasseerd een km ervoor, maar geen Justin. Het was ondertussen gaan regenen. Donder in de verte. Ik voor het eerst mijn nieuwe onbetaalbare regenjas uitgepakt en die bracht meteen zijn waarde op. Samen met mijn regenbroek voelde ik me perfect beschermd tegen regen zowel de kou. Ik liep ondertussen in sneeuwvelden tussen rotsblokken, moest vele stromen smeltwater doorkruisen en langzaamaan begon de situatie aardig “merkwaardig” te worden. Was dit gevaarlijk? Ik was zo geobsedeerd geweest Justin te vinden om veilig te zijn, dat ik me nu zelf ergens bevond wat allesbehalve veilig aanvoelde. Gek genoeg zat er een drive in mij die toen het duidelijk was dat er geen tentje meer zou komen (ik was nog slechts 1,7M van de top verwijderd)
Twee mannen die van de pass neerdaalden zeiden mij dat er alleen nog maar sneew was hierna, dit was het eerste stukje groen.
Oké, duidelijk! Ik ben alleen, onweer in de lucht, vrieskoud, op 11.305 feet en geen kampeerplaats. Tijd voor actie! Er kwam een akela in mij naar boven. Alsof ik mijn jonge jaren bij de scouting had doorgebracht. Ik schatte in dat het gedeeltelijk met sneeuw bedekte ijsmeer door al het aangevoerde smeltwater wel es gedurende de nacht de groene veldjes zou kunnen naderen, no way dat ik daar mijn tentje zou zetten. Al rondturend vond ik één enorm horizontaal vlak rotsblok, precies groot genoeg voor mijn tentje. Ik scrambelde omhoog als een mountaineer en aanpakken maar. Het waaide behoorlijk! Rugzak af en rotsblokken verzamelen om mijn tent te verzekeren. (Voor mijn eventuele niet kamperende lezers: in een rotsblok kun je geen haringen duwen).


Water gehaald in het meer. Gezorgd dat er niks kon wegwaaien en zeker een uur bezig geweest tot alles stormvast stond. Mijn god wat een onderneming. Geen fut meer om iets te eten. Ik wilde al zeker geen vlam ontsteken in mijn voortentje, stel je voor dat mijn tent de hens in ging. Ik ben gaan liggen, in al mijn dons, en probeeerde te slapen. Wind liet mijn Nordisk Telemark 1 behoorlijk meeswingen, dat voelde niet helemaal senang. Ook was er één beest(je) in de buurt die met grote regelmaat geschreeuw liet horen. Alsof ie zeer verontwaardigd was dat ik op zijn rotsblok zat, kwaad zelfs. Dit heeft de hele nacht geduurd. En ook s’morgens om 6 uur werd ik er weer door gewekt. Ik heb hem niet kunnen ontdekken tussen de rotsen, het was hoogstwaarschijnlijk een marmot, die kunnen zo krijsen. Ik ben gedurende de nacht bang geweest dat hij uit woede door mijn tent zou knagen, of op zoek naar voedsel. Het enige wat ontbrak in de ochtend was mijn “peerag”, een vaatdoek die aan de buitenkant van mijn rugzak hangt en die voor allerlei diensten zéér handig was. Ik verdenk mijn marmot ervan dat ie die gestolen heeft vannacht…. zal wel lekker geroken hebben.

Feeling safe in my jacket.

You can feel só good after a job like this!

There I have to cross the Muire pass
Categorieën:Uncategorized

2 comments

  1. Caro!! Wat een prestatie! 💪👏👏

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: